Aanlanden netten op zee 2030

Aanlanden netten op zee 2030

Het huidige Kabinet heeft grote ambities op het gebied van de energietransitie. Een onderdeel daarvan is het verder ontwikkelen van windenergie op zee. Bovenop de huidige plannen voor 4500 MW windenergie op zee in 2023 ligt er de ambitie om circa 7000 MW extra te realiseren in de periode 2024 tot en met 2030.

De elektriciteit die daarbij wordt geproduceerd kunnen we op verschillende plekken aansluiten op het bestaande hoogspanningsnetwerk op land. Voor het verdere transport over land is uitbreiding noodzakelijk van het bestaande hoogspanningsnetwerk of kan het zinvol zijn om de elektriciteit direct te leveren aan de grootverbruikers in industriegebieden. In de uitwerking van de ambities wordt ook de productie van waterstof betrokken. Daarbij zal bekeken moeten worden of deze techniek tijdig voldoende mogelijkheden biedt om vóór 2030 als alternatief in te kunnen zetten.

Momenteel worden de elektriciteitsnetten op zee bij de locaties Borssele, Hollandse Kust (zuid) en Hollandse Kust (noord) voorbereid voor de realisatie van windparken op de Noordzee die voor 2023 worden aangelegd. Als voorbereiding op de procedures voor deze windparken die in de periode 2024-2030 worden gebouwd en de aansluiting daarvan op het nationale elektriciteitsnetwerk, doet de overheid het komende halfjaar een verkenning. Onderdeel van deze verkenning is het organiseren van regiobijeenkomsten met betrokkenen en belanghebbenden. Na de verkenning worden vanaf 2019 de officiële procedures gestart voor besluitvorming en vergunningverlening. In opdracht van EZK heeft Arcadis/Pondera een Plan van Aanpak Effectbepaling ‘Verkenning Aanlanding Netten Op Zee 2030’ opgesteld.

Dit plan bevat de aanpak voor het effectenonderzoek van de opties van de afvoer en aansluiting van windenergie van zee tussen 2024 en 2030. Het gaat hierbij om het deel op zee vanaf het windpark tot aan de kust en de aanlanding. De aanlanding betreft het deel vanaf de kust tot aan de aansluiting op het hoogspanningsnet. De opties betreffen conventionele opties (hoogspanningskabels) en niet-conventionele opties (zoals elektrificatie nabij de kust of omzetting van elektriciteit in groene waterstof). De centrale vraag in deze verkenning is welke opties het meest kansrijk zijn voor de afvoer van grootschalige windenergie uit drie windparken op de Noordzee.
Voor Zuid-Holland zal een goede ruimtelijke en economische afweging moeten worden gemaakt over de verschillende opties, aansluitpunten en tracés (over land en water). De Rotterdamse haven met zijn energie-intensieve industrie is hierbij een belangrijke factor. Ook zal de elektrificatie van de industrie zich min of meer gelijk moeten ontwikkelen met de realisatie van de windparken in de Noordzee.

Als NMZH gaan wij de kansrijkheid van verschillende opties en aansluitpunten verkennen. Hierbij betrekken wij het natuur- en milieunetwerk in Zuid-Holland. De resultaten hiervan worden gedeeld met de provincie en de bij deze verkenning betrokken overheidspartijen. Het resultaat van deze verkenning betrekken wij bij de afwegingsnotitie die aan het eind van 2019 door RWS wordt opgesteld. Op deze manier levert het natuur- en milieunetwerk input waarmee rekening kan worden gehouden bij de verdere onderbouwing van de plannen en het opstarten van de besluitvormingsprocedures.

Meer informatie? Neem contact op met